Annie M.G. Schmidt

Annie M.G. Schmidt wordt geboren in Kapelle  op 20 mei 1911 als dochter van een predikant.  Ze werkt als bibliothecaresse in Vlissingen en maakt daar kennis met de magie van het woord. Na de Tweede Wereldoorlog gaat ze als documentalist en later, tot 1958, als redactrice aan de slag bij de Amsterdamse krant Het Parool.

Schmidt krijgt in 1950 een relatie met de chemicus Dick van Duijn. Met hem krijgt ze zoon Flip, die in haar latere werk regelmatig zal meespelen. Met Van Duijn woont ze vanaf 1963 beurtelings aan de Côte d'Azur en in Berkel en Rodenrijs. 
In 1982 keert ze terug naar haar zo geliefde Amsterdam.
 
Na een val in januari 1994 met als gevolg een heupoperatie, besluit ze een aantal zaken rondom haar levenseinde zelf in de hand te nemen. Ze maakt afspraken met haar huisarts die op de hoogte is van haar ideeën over euthanasie. Schmidt verzoekt Harry Bannink de begrafenismuziek te schrijven: "Harry moet een mooie medley maken, met liedjes van hem en mij, zoals In een rijtuigie en Op een mooie pinksterdag en dat moet dan in iets klassieks overgaan. Toen ik alles had besproken dacht ik: ik had eigenlijk nu wel een feestje verdiend waar ik wel bij was.”
In de vroege ochtend, na haar 84ste verjaardag, verkiest zij de dood en komt er een einde aan het leven van een zeer bijzonder en getalenteerd persoon.
 
Het interview van Annie met Ischa Meijer in 1992 is verkozen tot het beste televisie-interview uit de Nederlandse televisiehistorie. 
 
 
Werk
In haar periode bij Het Parool wordt Annie lid van de cabaretgroep De Inktvis, waaraan ook andere Parool-coryfeeën meededen. Annie Schmidt - de tussenletters M.G. waren nodig ter onderscheiding van een andere schrijfster A. Schmidt - schrijft in de beginjaren cabaretteksten en liedjes voor o.a. Wim Kan, Wim Sonneveld en Conny Stuart.
 
De familie Doorsnee
Bekendheid als schrijfster krijgt ze met de hoorspelserie In Holland staat mijn huis over de Familie Doorsnee. Daarvan worden 91 afleveringen gemaakt in de periode 1952 - 1958. Een bekend liedje hieruit is Ali Cyaankali met muziek van Cor Lemaire, die ook voor de televisieserie Pension Hommeles de muziek schrijft. 
 
Ja zuster, nee zuster
Op 3 september 1966 wordt de eerste aflevering van de inmiddels legendarische televisieserie Ja zuster, nee zuster uitgezonden bij de VARA, wederom in samenwerking met Harry Bannink. De serie handelt over de lotgevallen van de bewoners van Rusthuis Klivia in de Primulastraat, die het regelmatig aan de stok krijgen met de boze buurman Boordevol. In het rusthuis zelf, waar zuster Klivia de scepter zwaait, wonen de Ingenieur, de pruikenmaakster Jet, de jongens Bobby en Bertus, en later ook Gerrit de inbreker. Boordevol, die eigenaar is van het pand, ergert zich groen en geel aan het "rusthuis vol herrie" en probeert Klivia en haar gevolg op alle mogelijke manieren het huis uit te krijgen. Soms schakelt hij hiervoor zelfs de rechter in. Gelukkig voor de kijker slaagt zijn opzet nimmer en blijft Rusthuis Klivia gewoon open. Elke uitzending wordt magnifiek opgeluisterd door de prachtige liedjes en de mooie melodieën. 
 
Voor informatie per aflevering klik op afleveringen.  
 
Musicals
In 1965 schrijft Schmidt de tekst van de eerste oorspronkelijk Nederlandstalige musical Heerlijk duurt het langst, die 534 voorstellingen zou beleven. Harry Bannink componeert de muziek. Veel meer musicals zullen volgen, waaronder En nu naar bed (1971), Wat een planeet (1973), Foxtrot (1977) en Madam (1981). 
Tussendoor vestigt Er valt een traan op de tompoes (1980) haar naam als toneelschrijver. Ook de 12-delige televisieserie Pleisterkade 17 heeft tussen 1975 en 1977 veel succes. 
 
Ander werk van Annie M.G. Schmidt (selectie)
1951 Het schaap Veronica 
1955 In Holland staat mijn huis 
1957-1959 Pension Hommeles  
1953-1977 Jip en Janneke 
1955 De A van Abeltje 
1955 Ik ben lekker stout 
1957  Wiplala 
1958 Het beertje Pippeloentje 
1961  Ibbeltje 
1964 Heksen en zo 
1966-1968 Ja zuster, nee zuster 
1970  Minoes 
1971  Pluk van de Petteflet 
1973 Floddertje 
1975-1977 Pleisterkade 17  
1977  Tom Tippelaar 
1980  Otje 
1986  Tot hier toe 
1987 Ziezo 
1988 De uilebril 
1988  Tante Patent 
1989  Uit met juffrouw Knoops 
1989  Simpele zielen en nog wat 
1990  Beppie (televisie) 
1991  Een visje bij de thee. Drieëntwintig verhalen en achtenzestig versjes uit eenentwintig boeken 
 
Prijzen
1957 Het Beste Kinderboek voor Wiplala 
1964 Staatsprijs voor kinder- en jeugdliteratuur voor haar gehele oeuvre 
1971 Zilveren Griffel voor Minoes 
1972 Zilveren Griffel voor Pluk van de Petteflet 
1974 Edmond Hustinxprijs voor haar gehele toneeloeuvre 
1981 Gouden Griffel voor Otje 
1981  Cestoda-prijs 
1987 Constantijn Huygensprijs voor haar gehele oeuvre 
1988 Hans Christian Andersenprijs 
1988 Publieksprijs voor het Nederlandse Boek voor haar gedichten en verzen 
1991 Publieksprijs voor het Nederlandse Boek voor haar kinder- en jeugdboeken 
 
Postuum
1996 Venz-Kinderboekenprijs voor Beestenboel 
2005 Prijs van de Nederlandse Kinderjury (6-9 jaar) voor Pluk redt de dieren 
2008 John Kraaijkamp Musical Award voor haar gehele oeuvre 
 

Reactie toevoegen

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • Adressen van webpagina's en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en paragrafen worden automatisch gesplitst.
Type the characters you see in this picture. (verify using audio)
Type the characters you see in the picture above; if you can't read them, submit the form and a new image will be generated. Not case sensitive.